
Brief van minister Donner over het WODC-onderzoek arbeidsmigratie.
December 2007 heb ik u, mede namens de toenmalige Staatssecretaris van Justitie, toegezegd dat bezien zou worden of onderzoek gewenst is naar de relaties tussen arbeidsmigratie en gezinsmigratie. Aanleiding daartoe was de constatering in een algemeen overleg dat Nederland -absoluut maar vooral relatief- weinig vrouwelijke arbeidsmigranten aantrekt. Dit is uitgemond in een onderzoek van het WODC dat (door dataproblemen bij CBS vertraagd) momenteel gereed is.
“Mede namens de Minister van Justitie bied ik u hierbij dit onderzoek, ‘Arbeidsmigratie naar Nederland. De invloed van gender en gezin’, aan.
Blijkens het onderzoek is het waarschijnlijk dat het aandeel vrouwen in de arbeidsmigranteninstroom (mede) wordt beïnvloed door de mate waarin de vrouwelijke arbeidsmigranten met hun gezin migreren en dat dit verband houdt met de mogelijkheden van de partner van de arbeidsmigrant om in het bestemmingsland te werken.”
Bron: www.rijksoverheid.nl
Wil de partner van een twv-plichtige arbeidsmigrant in Nederland betaalde arbeid verrichten, dan dient diens werkgever immers over een twv te beschikken. Deze voorwaarde lijkt vooral (de partner van) potentiële twv-plichtige vrouwelijke arbeidsmigranten ervan te weerhouden om te migreren, waarschijnlijk omdat vrouwen, vaker dan mannen, een partner hebben die niet wil (mee-)migreren als hij in het land van bestemming niet mag werken. Dit zou een verklaring kunnen zijn voor het het geringe aantal vrouwelijke arbeidsmigranten. Deze voorzichtige conclusie wordt echter gerelativeerd door twee andere conclusies.
Bij arbeidsmigranten uit de MOE-landen die in de jaren 2000 tot en met 2005 nog veelal via de twv-procedure naar Nederland kwamen, had de beperking voor de partner van de arbeidsmigrant geen zichtbaar effect op de instroom van vrouwelijke arbeidsmigranten.
Bovendien wordt de veronderstelling niet bevestigd dat vrouwelijke arbeidsmigranten, vaker dan mannelijke arbeidsmigranten, van de Kennismigrantenregeling (in plaats van de twv-procedure) gebruik zouden maken, omdat dan ook de partner zou mogen werken. Mannelijke en vrouwelijke arbeidsmigranten verkozen in vergelijkbare mate de Kennismigrantenregeling boven de twv-procedure.
Deze onderzoeksuitkomsten geven mijn ambtgenoot van Justitie en mij geen aanleiding een beleidswijziging voor te stellen.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.P.H. Donner
Klik hier om het rapport te downloaden
