
De Minister van Volksgezondheid wilde vanwege de privacy van de bedrijven niet vertellen bij welke bandenimporteurs deze zomer gevaarlijke exotische muggen waren ontdekt. Het platform Stop invasieve exoten heeft deze informatie echter weten te achterhalen. Er zijn echter waarschijnlijk meer bedrijven die besmette banden importeren, zonder dat de minister daarvan afweet.
Deze zomer werd bekend dat in vijf gemeenten exotische muggen waren ontdekt bij importeurs van gebruikte banden. Het gaat dan met name om grote banden, zoals vliegtuig-, tractor- en vrachtwagenbanden, waar een nieuw profiel op wordt gezet of waar rubbergranulaat van wordt gemaakt. Onder meer werden tijgermuggen aangetroffen die waarschijnlijk waren meegelift in banden afkomstig uit onder meer het oostelijk deel van de Verenigde Staten en uit Italië, waar deze muggen veel voorkomen. Tijgermuggen zijn berucht om hun venijnige steek en vanwege het feit dat zij meer dan 20 virusziekten kunnen overdragen, zoals knokkelkoorts, Chikungunya en encefalitis (hersenontsteking).
Toen het platform Stop invasieve exoten aan het ministerie van Volksgezondheid vroeg om bekend te maken op welke locaties de muggen precies gevonden waren, weigerde men deze informatie te verschaffen vanwege de privacy van de betreffende bedrijven.
Wilfred Reinhold, voorzitter van het platform: “Hierdoor blijven omwonenden en andere burgers verstoken van milieu-informatie die cruciaal is voor hun welzijn en gezondheid. Het is merkwaardig dat het ministerie, dat staat voor de bescherming van onze gezondheid, bedrijven in bescherming neemt die gezondheidsrisico’s voor de omgeving veroorzaken en die daarmee bovendien wettelijke regels overtreden.”
Het platform heeft toen navraag gedaan bij de betrokken gemeenten (waarvan er twee positief reageerden op het informatieverzoek) en heeft naar aanknopingspunten gezocht in gepubliceerde krantenberichten en onderzoeksverslagen, waaronder een recent artikel in het Engelstalige blad Eurosurveillance.
Op basis hiervan kon de locatie en identiteit van de betreffende bedrijven worden vastgesteld. Het gaat om zes locaties, verdeeld over vijf bedrijven, gelegen in de provincies Noord-Brabant, Limburg en Utrecht. Bij één van de bedrijven (H. Vrakking BV) werden op twee vestigingen exotische muggen aangetroffen. De bedrijven in Weert grenzen aan elkaar en zijn in het onderzoeksverslag in Eurosurveillance aangemerkt als één locatie.
Bandenbedrijven waar in 2010 exotische muggen zijn aangetroffen:
Heijningen (gemeente Moerdijk) (1)
H. Vrakking BV – locatie Heijningen, Sluisweg 10, 4794 SW Heijningen Link naar kaartje
Oosterhout (2)
H. Vrakking BV – locatie Oosterhout, Bredaseweg 162, 4904 SC Oosterhout Link naar kaartje
Oss (3)
Joop Arts BV, Rijnstraat 9, 5347 KL Oss Link naar kaartje
Weert (4)
Rumal BV, Graafschap Hornelaan 144, 6004 HT Weert Link naar kaartje
Ruband BV, Risseweg 4, 6004 RM Weert Link naar kaartje
Montfoort (5)
Kargro International BV, Heeswijk 135, 3417 GP Montfoort Link naar kaartje
(1) t/m (5): deze nummers komen overeen met de nummers op de plattegrond van Nederland en in de tabellen
Topje van de ijsberg
De zes locaties vormen mogelijk slechts het topje van de ijsberg. Tijdens het door het ministerie uitgevoerde onderzoek zijn namelijk niet alle bedrijven gecontroleerd die gebruikte banden importeren. Bovendien is het goed mogelijk dat tijdens de controles geen exotische muggen zijn gevonden, terwijl ze er wel waren.
Om vast te stellen welke bedrijven in Nederland gebruikte banden importeren, heeft het ministerie van Volksgezondheid door de branche-organisatie, de VACO, een lijst laten opstellen. De VACO kwam op 34 locaties, uiteraard allemaal leden van de VACO. Het ministerie heeft bij deze locaties onderzoek laten uitvoeren. De bedrijven zijn in het artikel in Eurosurveillance op de plattegrond van Nederland aangegeven met (witte en zwarte) stippen. De bedrijven zijn in alle provincies aanwezig, behalve Zeeland, Overijssel en Groningen.

Het is echter niet uitgesloten dat de VACO bij het opstellen van de lijst bepaalde locaties over het hoofd heeft gezien. En het is absoluut zeker dat er ook importeurs van gebruikte banden zijn, die geen lid zijn van de VACO.
Reinhold: “Tijdens een gesprek met het ministerie een paar weken geleden, bleek dat men nog niet eens op het idee was gekomen om bijvoorbeeld via de Kamer van Koophandel het overzicht zo compleet mogelijk te maken. Het is dus zeker dat in 2010 niet alle bedrijven zijn onderzocht die gebruikte banden importeren.”
Op de 34 bedrijven heeft het ministerie vervolgens een risico-analyse laten uitvoeren om vast te stellen hoe vaak een bedrijf gecontroleerd zou worden. Het risico was afhankelijk van het soort banden dat werd ingevoerd, de landen waaruit de banden werden ingevoerd en of de banden binnen danwel buiten werden opgeslagen. Op basis hiervan zijn sommige bedrijven in 2010 slechts enkele keren bezocht, en andere elke twee weken.
Bij 29 locaties, die op het kaartje met witte stippen zijn aangegeven, zijn geen exotische muggen gevonden. “Gezien de grootte en lastige controleerbaarheid van de terreinen betekent dit zeker niet dat daar ook feitelijk geen exotische muggen aanwezig waren. Het is heel goed mogelijk dat ze er wel waren, maar dat men ze niet heeft gezien”, aldus Reinhold.
De zwarte stippen op het kaartje (nummer 1 tot en met 5) geven de plaatsen aan waar exotische muggen zijn aangetroffen: de tijgermug (Aedes albopictus), de gele koortsmug (Aedes aegypti) en de Amerikaanse rotspoelmug (Aedes altropalpus).
In tabel 1 uit het artikel in Eurosurveillance is aangegeven hoeveel volwassen muggen en larven er zijn gevonden, verdeeld over de drie muggensoorten. In totaal zijn er ruim 200 exotische muggen aangetroffen. Een aantal daarvan zijn tot op 500 meter van het betreffende bedrijf gevonden (buiten die grens werd niet gezocht).
Reinhold: “Bij de interpretatie is het goed om te weten dat het onderzoek op het terrein een steekproef was van 100 banden. Op een bedrijf waar 20.000 banden liggen, kunnen de werkelijke aantallen dus veel hoger liggen.”

In tabel 2 uit het artikel in Eurosurveillance is aangegeven in welke weken er in opdracht van het ministerie controles zijn uitgevoerd (grijze vakjes), wanneer er exotische muggen werden aangetroffen (blauwe vakjes) en wanneer er bestrijdingsmaatregelen zijn uitgevoerd (kruisjes).
Reinhold: “Uit deze tabel blijkt dat men na het aantreffen van de muggen soms vier weken liet verstrijken voordat men tot bestrijding overging, zie bij locatie 4 (Weert). Ook blijkt dat er tussen de bestrijding en het niet meer aantreffen van exotische muggen wel vijf weken kunnen zitten, zie bij locatie 1 (Heijningen).

Reinhold: “Het beleid van de minister van Volksgezondheid is onverantwoord. Zij legt de bandenhandel geen strobreed in de weg, de bedrijven mogen de banden die met gezondheidsbedreigende muggen besmet zijn gewoon blijven importeren. De Minister vertrouwt er geheel op dat met het uitvoeren van controles en bestrijdingsacties het probleem wordt beheerst. Dit terwijl zij niet eens weet waar de bedrijven zitten, de controles zo lek zijn als een mandje, het soms lang duurt voordat tot bestrijding wordt overgegaan en er ook na het uitvoeren van bestrijdingsacties exotische muggen worden aangetroffen. De minister speelt met vuur.”
Volg het nieuws over de tijgermug en andere invasieve exoten via www.twitter.com/InvasieveExoten