
Een toevallige ontdekking van een bulldozerbestuurder heeft geleid tot wat wetenschappers nu al de vondst van de eeuw noemen: Een begraafplaats uit de ijstijd. De La Brea-teerputten zouden er niets bij zijn.
De bestuurder, Jesse Steele, vond per toeval het gebied en ontdekte een breed scala aan fossielen, die meer dan ooit een blik kunnen werpen op het leven in het pleistoceentijdperk. Steele en zijn collega’s waren bezig met een bouwproject in een afgelegen dorp in het westen van Colorado. Bij het uitbreiden van een reservoir vond Steele een aantal fossielen, waarna hij direct contact op nam met het Denver Museum.
Een team onderzoekers van het museum zijn vervolgens in oktober naar het gebied getrokken en heeft sindsdien zeshonderd botten van ongeveer twintig verschillende dieren uit het pleistoceentijdperk (een periode uit de ijstijd) gevonden. De overblijfselen van minimaal zes verschillende soorten zijn opgegraven, waaronder vijf Amerikaanse mastodonten, drie bizons, een Megalonyx (ook wel Jefferson’s Grondluiaard genoemd) een hert, een tijgersalamander en twee Colombiaanse mammoeten.
Het gebied is een van de weinige plaatsen in Amerika en de enige in Colorado, waar de fossielen van mammoeten en mastodonten zijn gevonden op één plek. Overigens is de ontdekking van de mastodonten al uniek te noemen. “Dit gebied zou net zo belangrijk kunnen zijn als de La Brea-teerputten of de andere top vijf gebieden in Noord-Amerika,” zegt Ian Miller, curator van de paleontologie-afdeling van het Denver Museum.
De vondst geeft naar verwachting meer informatie over hoe de flora en fauna regeerde op het klimaat in de ijstijd. Het team is inmiddels teruggekeerd naar het museum en is bezig met verdere onderzoeken. In mei zal het terugkeren naar Colorado.